Berkenzwam

Nog steeds bezig met het oefenen om vuur te maken met een vuurboog. Gisteren was het schitterend weer, dus ideaal om nog eens het bos in te trekken om goed hout te zoeken. In tegenstelling tot wat ik gedacht had viel dat niet goed mee.

Een aantal jaren geleden zijn ze in het bos begonnen met het kappen van alle ongezonde en gezonde doch uitheemse bomen. Hele percelen bos zijn tegen de vlakte gegaan, en enkel inheemse boompjes mochten blijven staan. Dat waren dus vooral beuken en berken. Van die kleine smalle hoge exemplaren. Ze stonden immers in de schaduw van de eiken en moesten veel moeite doen om naar het licht te groeien.

Alle takken die op de grond liggen waren nat en rot dus moest ik zoeken naar dode takken die in de boom waren blijven hangen. Die takken waren wel droog, maar vielen bijna vanzelf uit elkaar. Na wat rondwandelen viel mij op dat er wel echt veel zwammen op de berken stonden. Berkenzwammen.

Berkenzwam

Thuisgekomen eens opgezocht voor wat je een berkenzwam kan gebruiken, want ik had daar ooit iets over gelezen dat je daar je mes mee kan stroppen. En toen vond ik ook de oorzaak van het verpulverde hout: mycelium een stof in de zwammen die de cellulose in het hout afbreekt. Doordat de celwanden die het hout samenhouden verdwijnen blijft alleen wat los hout pulver over. Zelfs als de tak compleet droog is is ze verrot. De berk gaat er vroeg of laat aan dood.

De berkenzwam kan jaren sluimerend aanwezig zijn in een berk. Meestal bij de zwakke exemplaren die op natte gronden in de schaduw staan. Wanneer de berk dan wat zwakker wordt komen ze te voorschijn. Binnen een paar jaar is er daar dus geen bos meer. De gezonde Amerikaanse eiken hebben ze gekapt, en de verdrongen berkjes zijn aangetast door berkenzwam.

Fietsroutenetwerk Haspengouw

Fietsroutenetwerk Haspengouw

Zondag na de regenbuien het bos in getrokken om de kleine uit te laten. Natuurlijk had ik mijn fototoestel meegepakt, want in het bos valt altijd wat te beleven en te fotograferen. Maar elke keer dat ik in een bos kom wanneer de zon schijnt heb ik hetzelfde probleem: licht. Ofwel is de lucht uitgebrand ofwel is je onderwerp onderbelicht.

Dat kan je dan oplossen op een paar verschillende manieren. Ofwel gebruik je een flits, een lichtreflector of een statief. Van die drie dingen had ik er slechts een halve bij: een interne flits. En dan vergeet ik die nog te gebruiken omdat mijn onderwerp (Golb Jr.) nogal halsbrekende toeren aan het uithalen was en geen halve seconde stil kon blijven staan.

Ik zit hier nu dus met een hoop foto’s waar overal ergens wat mee scheelt. Zo ook bij de bovenstaande: te fel uitgebrande lucht. In LightRoom en PhotoShop heb ik er wat aan zitten knutselen en als je er lang genoeg naar kijkt, dan valt het eigenlijk nog wel mee 🙂

Robin Het Roodborstje

Vandaag eens van het mooie weer gaan profiteren. Koude deert mij niet echt, als het maar droog is. Een stralende zon en een mooie blauwe hemel maken het alleen maar aangenamer. Ik ben er met mijn fototoestel op uit getrokken!

Op slechts enkele kilometers van waar ik woon zijn er mooi uitgestippelde wandelpaden door natuurgebied. Ik was er alleen nog nooit geweest. Daar moest dus maar eens verandering in komen. De route die ik gekozen had was slechts 4 km lang. Ik heb mooie plaatsjes gezien en leuke foto’s kunnen maken, alleen stond de zon te laag en kon ik niet overal geraken, waar ik zou willen geraken (natuurgebied hé, wat wil je).

Op de terugweg naar de auto zag ik in mijn ooghoeken wat bewegen in de oever van de beek. Zat daar nu net echt iets of beeld ik mij dat maar in?
img_3986

Na een paar minuten muisstil gehurkt te zitten, met de camera in aanslag, kwam Robin nog eens piepen.
img_3989

Zo vlug als hij kwam kijken, zo vlug was hij ook weer weg. Om dan vervolgens op een ander balkon te verschijnen.
img_3992

Hij heeft daar precies een heel gangenstelsel in die oever…

Met deze wandeling ben ik weer maar eens een paar ervaringen rijker:

  • een lichtsterke telelens zou wel eens leuk kunnen zijn;
  • een statief meenemen is niet genoeg, je moet het ook snel kunnen gebruiken;
  • je moet je camera altijd in de aanslag houden (dus niet in je tas);
  • een standaard camera schouderriem is niet echt handig met een dikke jas aan en
  • zijde handschoenen zijn de max!

Dahlia Rocco

Kleur en symmetrie is belangrijk. Daarom kozen wij voor Dahlia’s Rocco, met als kleur purper. Althans, dat stond er op de verpakking. En wat komt er bij ons uit?

Dahlia Rocco Rood
Dahlia Rocco Rood

Knal rood! Niet één of twee, maar allemaal. Zou de inpakker zich vergist hebben, of scheelt er iets met onze grond?

Bonte Specht

Oh, kijk! Een dood vogeltje!

Deze sukkelaar zag ik deze morgen dood liggen in de fietsenstalling aan het station. Dat is zeker een bonte specht dacht ik. Dat moet ik even opzoeken.

Net wanneer ik denk dat dit een koud kunstje gaat worden, kom ik op de Nederlandse Soortenbank uit. Al vlug wordt duidelijk dat het geen Grote Bonte Specht is, want die heeft niet zo een grote rode kopkap. De Syrische Bonte Specht kunnen we om dezelfde reden determineren.

Een Kleine Bonte Specht is het ook niet, want die heeft nooit een rode onderstaart. Dit dode exemplaar heeft dat wel.

Dan blijven er nog twee mogelijkheden over: de Middelste Bonte Specht en de Witrugspecht. Ik zou durven zeggen dat het een Witrugspecht is, omdat hij nog redelijk wat zwart boven zijn ogen heeft, maar ik zal het maar houden op de Middelste Bonte Specht, afgaande op zijn grootte. De Witrugspecht is immers groter én zeldzamer en leeft voornamelijk in bossen.

Hoe die dode Woody Woodpecker nu in die fietsenstalling terecht kwam blijft helaas onduidelijk.

UPDATE: Ok, ik was dus volledig mis. Via een mailtje naar Natuurpunt Zuid-Oost Limburg kreeg ik van Jan Gabriels volgende uitleg:

Dit is een Grote Bonte Specht, een juveniel manneke. Deze hebben een geheel rode kruin met zwarte rand. De zwarte snorstreep reikt tot aan de snavel en de witte onderzijde is niet gestreept. Bij de Middelste Bonte heeft de rode kruin geen zwarte rand en de zwarte snorstreep reikt niet tot aan de snavel. De geelwitte onderzijde is overlangs zwart gestreept bij de Middelste Bonte. Deze laatste is ook kleiner en meer gedrongen dan de Grote Bonte.

Bij de uitleg op Soortenbank.nl over de Grote Bonte Specht stond het er nogthans duidelijk bijgeschreven:

Juveniel heeft rode in plaats van zwarte kopkap (beide sexen).

Daar heb ik dus los overheen gelezen, en mij laten leiden door de afbeelding.

Vleermuisjes Schieten

En daarmee bedoel ik natuurlijk fotograferen.

Toen ik gisteren bij valavond de vleermuisjes zag rondfladderen, dacht ik: hier moet ik eens een foto van proberen te maken. Je weet dat het vleermuisjes zijn omdat ze je dat altijd gezegd hebben. Die kleine zwarte schimmetjes die ‘s nachts rakelings langs je voorbij vliegen. Maar echt goed kan je dat niet zien natuurlijk. Een foto zou een ideaal bewijs zijn.

Het is donker, dus wil je zoveel mogelijk licht op je sensor krijgen. Dus je neemt een groot diafragma. Maar hoe ga je dan scherpstellen? Onmogelijk dat je autofocus zo snel is en al helemaal onmogelijk wordt het als je door je zoeker een vleermuis wilt volgen. Dus moet je een zo groot mogelijke scherpte diepte proberen te bekomen. Dat doe je door je diafragma te verkleinen. Maar dan heb je een lange sluitertijd nodig wat bewegingsonscherpte met zich mee brengt. Dus verhogen we de iso maar naar het maximum. Scherpstellen doe je manueel op 4 a 5 meter, tot oneindig. En wanneer je de vleermuis ziet: flitsen.

Ik geef mijn goed raad weg, want toen ik het zelf aan het proberen was, deed ik het allemaal verkeerd. Of toch niet helemaal juist. En het materiaal dat ik heb heeft ook zo zijn beperkingen. Eigenlijk zou je het best met een statief moeten werken, een afstandbediening en een externe flits. Maar zonder dit alles is het ook dolle pret hoor!

Binnenkort heb ik verlof, en dat ga ik het zeker en vast nog eens proberen.

Ondanks het feit dat bovenstaande foto niet echt scherp is (lees, helemaal niet scherp) kan je toch goed zien dat het een vleermuis is.

Hoornaar

Dit prachtig, maar voor een onwetend mens, ook angstaanjagend beest ben ik gisteren op mijn terras tegengekomen: de hoornaar.

Via gardensafari.net kwam ik dus te weten dat het eigenlijk helemaal geen gevaarlijk en agressief dier is. Maar dat had ik al wel gemerkt. Ze bleef zo stil zitten toen ik een foto aan het maken was, dat ik mij eigenlijk afvroeg of ze zich wel helemaal lekker voelde.

Doordat deze dieren niet meer zoveel voorkomen is het op zich al uniek dat ze in mijn tuin onderdak zoeken. Maar kijk eens hoe groot deze hoornaar is! Een latje van de stoel waar ze op zit is 45 mm breed. Deze hoornaar is dus zeker 40 mm groot, terwijl je op Wikipedia en Gardensafari kan lezen dat werksters 18-25 mm, koninginnen 25-35 mm en mannetjes tot 28 mm lang zijn. Dit moet dan wel een koningin geweest zijn.

Ook in de bijbel maken ze al melding van hoornaars. Alleen hebben de bijbelvertalers zich vergist. Zij gebruiken het woord horzel. Een horzel is echter een totaal ander beest.

De Engelse, Duitse, Franse en Spaanse vertalingen vermelden wel hoornaars.

Wilde Wingerd

Wilde Wingerd

De wilde wingerd (Parthenocissus quinquefolia) is een klimplant zonder veel eisen. Plant hem eender waar (behalve naar het noorden gericht) tegen een muur en hij zal groeien. Groeien ja! De onze is erin geslaagd om in een half jaar tijd 3 meter groter te worden. Onze volledige garage muur is nu begroeid met wingerd. Regelmatig de snoeischaar erin zetten is dus de boodschap. Alle wingerd die ergens kruipt waar hij dat niet moet, gaat eraan.

Ik kijk er al naar uit wanneer de wingerd heel wat dikker is geworden en je geen enkel baksteen meer kan bespeuren. Een groene (rode) muur in onze tuin! Nu de buurman nog overtuigen om hetzelfde te doen met zijn oerlelijke garage in prefab betonblokken.